Brandijzer met een rond handvat van hout met een ophangoog. Het handvat is in het midden uitgesleten. Het handvat is vastgeklonken aan een ijzeren steel met een ring. De steel is rechthoekig en is zwart gelakt. De steel mondt uit in een vorkvormig uiteinde met vier tanden. Aan de tanden zijn twee gekruiste zwaarden aangebracht. Deze vormen het brandmerk.
De gekruiste zwaarden verwijzen naar een strafpraktijk waarbij veroordeelden met een gloeiend zwaard werden gebrandmerkt. Uit ooggetuigenverslagen weten we dat dit gebruik ook in de achttiende eeuw nog voorkwam. Zo noteerde Jacob Bicker Raye op 18 januari 1738 dat één van twee gebrandmerkte personen ‘het gloeiend dubbel zwaard’ kreeg, en op 30 januari 1762 dat iemand het ‘dubbele gloeiende zwaard’ op de rug ontving. Ook andere zeventiende- en achttiende-eeuwse beschrijvingen vermelden dat misdadigers met een roodgloeiend zwaard kruisgewijs over de rug werden gestreken. Mogelijk bestonden deze praktijk en het gebruik van brandijzers in de vorm van gekruiste zwaarden enige tijd naast elkaar.
Naast symbolische merken zoals bij dit brandmerk gebruikte men vóór 1811 ook vaak stads- of provinciewapens als brandmerk. Omdat veel steden vergelijkbare wapensymbolen gebruikten, zoals leeuwen, stelde de Code pénal (wetboek van strafrecht) van 1811 onder Napoleon Bonaparte vaste lettercombinaties als brandmerk vast.
Brandmerken werden gebruikt om af te schrikken en veroordeelden blijvend te tekenen en herkenbaar te maken. Dit gebeurde met een gloeiend ijzer, meestal in het openbaar, en werd als vorm van bestraffing vooral toegepast bij herhaalde diefstal en andere vormen van recidive. Aanvankelijk werden brandmerken op zichtbare plaatsen aangebracht, zoals het voorhoofd of de wang, maar vanaf het midden van de zestiende eeuw verplaatste men het merk steeds vaker naar de schouder of rug. Dit hing waarschijnlijk samen met het toenemende belang van terugkeer in de samenleving. In de negentiende eeuw nam de kritiek toe, waarna het brandmerken in 1848 werd afgeschaft. Het laatste brandmerk in Nederland werd op 14 januari van dat jaar aangebracht.