Het schilderij toont een groep mannen die aan twee lange tafels in een grote, rijk versierde ruimte zitten. De mannen dragen pruiken en deftig ogende kleding uit de achttiende eeuw. Sommigen zitten met hun handen op tafel, terwijl anderen zich naar elkaar toe draaien of met elkaar in gesprek lijken te zijn. De ruimte heeft hoge zuilen, beelden en grote, donkerblauwe gordijnen. Op de voorgrond liggen verschillende voorwerpen op de grond, waaronder een hoorn en vruchten.
De personen op dit schilderij zijn: Willem Lodewijk Baron van Wassenaar, Burgemeesters Ewout Brand, Gijsbert Kinschot en Willem van Assendelft, schepenen Paulus van Assendelft, Adriaan van Spierinxhouck, Willem Comans, Willem Antonie Pieterson, Johan ten Hove en Johan Stenis, secretarissen Michiel ten Hove en Jan Quarles en klerk Nicolaas van Amerongen.