De twee vazen zijn zogeheten kastanjevazen. Ze hebben een ronde voet en een urnvormig vat met een losse deksel met ringvormig handvat in de vorm van een fantasiedier. Dit type vazen behoort tot de grootste en kostbaarste zilveren voorwerpen uit de eerste helft van de negentiende eeuw. De kastanjevazen werden altijd in paren vervaardigd. Zoals de naam al doet vermoeden werden ze gebruikt om gesuikerde kastanjes in op te dienen, een lekkernij die als dessert werd geserveerd.
In een van de twee deksels bevindt zich de volgende inscriptie:
‘Le 15 Mai 1839
Souvenir de 25 Ans de Ministère’
Jaarletter B=1836, meesterteken Anker en WE.S=Wed. J.H. Stellingwerff
Deze vazen waren van Daniel Delprat. Hij werd in 1791 op verzoek van stadhouder Willem V beroepen tot predikant in de Waalse kerk in Den Haag. Hij bleef dit ambt vervullen in de Franse Tijd en ook na de omwenteling van 1813. In 1817 werd hij benoemd tot hofprediker. In die rol was hij verantwoordelijk voor het godsdienstig onderwijs van verschillende jonge Oranjes: prinses Marianne, kroonprins Willem (later koning Willem III), en aan diens broers de prinsen Alexander en Hendrik. Delprat combineerde zijn positie als predikant met uiteenlopende functies binnen het landsbestuur, vooral voor het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Delprat werd, dankzij zijn uitstekende beheersing van het Frans, onder meer ingezet als vertaler en redacteur, geheim secretaris en uiteindelijk ook als secretaris-generaal. Hij kreeg in die verschillende rollen allerlei staatsgeheime stukken onder ogen en was ook betrokken bij een geheime diplomatieke missie (waarbij zijn vrouw en kinderen ook een rol hadden). Interessant is dat alle opeenvolgende bewinden - van de Bataafse Republiek, tot het Koninkrijk Holland en het Keizerrijk - van zijn diensten gebruik bleven maken.